|
· Bij aantasting van Helminthosporium (bladvlekkenziekte) in snijmaļs/korrelmaļs houd het gewas goed in de gaten. Als het gewas voor meer dan 80% afgestorven is oogst dan direct om legeringschade te voorkomen. Een geļnfecteerd gewas is ook meer vatbaar voor andere schimmels en infecties, deze worden ook mee in de kuil gebracht, en kunnen nadelige effecten hebben voor kuilstabiliteit. Het is daarom raadzaam om een goede broeiremmer toe te voegen zoals 11a44. voor herkenning van deze schimmelaantasting klik hier . Voor het toevoegen van een goede broeiremmer klik hier
· Heeft uw maļs droogteschade ondervonden afgelopen periode, dan geven wij u een advies omtrent de oogst. Klik hier
· Voor een Saldo berekening van Koolzaad en een vergelijking met wintertarwe klik hier
· Koolzaad rassenproef 2006. klik hier
· Wanneer bij derogatie uw aandeel maļs afneemt in uw rantsoen kies dan voor rassen die het hoogste scoren in droge stof opbrengst gecombineerd met een goed zetmeelgehalte.
· Als men naar het zetmeelgehalte kijkt, beoordeel dan ook tevens het droge stof gehalte. Als het d.s. gehalte stijgt door later oogsten dan neemt ook automatisch het zetmeelgehalte toe.
· Nieuwe rassen voor snijmaļs presteren zowel op kwaliteit als op opbrengst, dit resulteert in een veel lagere kostprijs per ha !!. Een overschot aan maļs is makkelijk verkoopbaar, of te oogsten als zetmeelrijke krachtvoer vervanger.
· Kies bij korrelmaļs voor zekerheid. Stevigheid en fusariumresistentie gaan voor opbrengst en d.s. gehalte !!. Dit geeft een oogstzeker gewas met een stabiel saldo.
· Kies op droogtegevoelige gronden altijd een maļsras met een goede droogtetolerantie.
· Vergelijk maļsrassen nooit alleen op prijs. Een hogere of lagere prijs is op het eindproduct een fractie van de opbrengst en kwaliteitsverschillen.
· Kies bij energiemaļs altijd voor rassen die in uw gebied kunnen afrijpen tot minimaal 30% d.s. Immers water vergist niet!!
· Bij energiemaļs gaat het in eerste plaats om methaangasopbrengst per ha, en dit wordt niet alleen bepaald door de hoeveelheid d.s. / ha, maar ook door zetmeel en suikers.
· Twijfel nooit over het toedienen van Inoculanten, immers een toediening bij een goed geslaagd product levert minimaal 3x zijn rendement op !!. Laat staan een toediening bij een minder geslaagd product.
· Inoculanten lijken duur maar kosten van een slechte conservering of broei ( verliezen ) staan in geen vergelijk en zijn vele malen hoger.
· Kies bij toevoegen van inoculanten bij graskuilen met een d.s. % lager dan 30% altijd voor een enkelvoudig middel ter bevordering van de conservering van de kuil ( 1188 ). Enkelvoudige middelen werken veel sterker op 1 afzonderlijk onderdeel dan combimiddelen.
· Hetzelfde geld voor broeigevoelige kuilen als; zomerkuilen van gras, maļs, CCM en MKS. Dus ons advies hierbij is 11a44
Bij vragen neem contact met ons op |
|
Tips en adviezen !!! |

|
E-mail info@maisadvies.nl |

